Verminderde vruchtbaarheid
Verminderde vruchtbaarheid bij mannelijke kanaries
Oorzaken van onbevruchte eieren en hoe kwekers dit kunnen verbeteren
Veel kanariekwekers herkennen het probleem: het broedseizoen begint veelbelovend, maar na verloop van tijd verschijnen er steeds meer onbevruchte (klare) eieren. Vooral in de tweede en derde broedronde neemt het percentage bevruchte eieren vaak duidelijk af.
Dit verschijnsel komt veel voor bij kanaries en andere kleine zangvogels en wordt meestal veroorzaakt door een afnemende vruchtbaarheid van de mannelijke vogel.
In de praktijk zien veel kwekers ongeveer het volgende patroon:
- Eerste ronde: ± 80–90% bevruchte eieren
- Tweede ronde: ± 60–70% bevruchte eieren
- Derde ronde: soms minder dan 50%
Poppen kunnen nog steeds perfect eieren leggen, vaak zelfs grotere eieren, maar zonder een goede bevruchting zullen deze eieren niet uitkomen. De vruchtbaarheid van de man speelt dus een doorslaggevende rol.
Om dit probleem goed te begrijpen is het belangrijk eerst te kijken naar de anatomie en fysiologie van de voortplanting bij vogels.
Het voortplantingssysteem van de kanarieman
In tegenstelling tot zoogdieren hebben zangvogels geen uitwendige geslachtsorganen. De voortplanting gebeurt via de cloaca.
De mannelijke kanarie heeft:
- twee testikels (teelballen)
- deze liggen in de buikholte, vlak bij de nieren
Tijdens de rustperiode zijn deze testikels zeer klein, maar tijdens het broedseizoen kunnen ze tot wel tien keer groter worden. Dit wordt vooral veroorzaakt door:
- toenemende daglengte
- hormonale veranderingen
- stimulatie door licht
De testikels produceren:
- spermacellen
- het mannelijke hormoon testosteron
De geproduceerde spermacellen worden tijdelijk opgeslagen in kleine reservoirs nabij de cloaca, de zogenaamde spermopslagplaatsen.
Omdat vogels een lichaamstemperatuur hebben van ongeveer 41–42 °C, is het belangrijk dat spermacellen niet te lang in het lichaam blijven. Ze worden daarom relatief snel gebruikt of opnieuw geproduceerd.
Het voortplantingssysteem van de pop
Bij vrouwelijke vogels is het voortplantingssysteem asymmetrisch.
De pop heeft meestal:
- één werkende eierstok (links)
- één eileider (oviduct)
De ontwikkeling van een ei verloopt in verschillende stappen:
- Eierstok
De eicel en de dooier worden gevormd. - Infundibulum (trechter)
Hier vindt de bevruchting plaats. De eicel blijft hier ongeveer 20–30 minuten. - Magnum
Hier wordt het eiwit (albumen) gevormd. - Isthmus
Hier ontstaan de twee schaalmembranen. - Schaalklier (uterus)
Hier wordt de kalkschaal gevormd, wat ongeveer 20 uur duurt.
Daarna wordt het ei gelegd.
Hoe werkt de bevruchting bij vogels?
De bevruchting gebeurt via een korte paring, waarbij de cloaca van de man en de pop elkaar raken. Dit wordt ook wel de “cloacale kus” genoemd.
Na de paring moeten de spermacellen:
- door de eileider omhoog zwemmen
- de eicel bereiken voordat de eierschaal wordt gevormd
Interessant is dat vrouwelijke vogels sperma tijdelijk kunnen opslaan in speciale structuren:
sperm storage tubules
Deze bevinden zich in het overgangsgebied tussen:
- de vagina
- de schaalklier
Bij kippen kunnen spermacellen tot 10 dagen overleven. Bij kalkoenen zelfs nog langer.
Bij kanaries is deze periode echter veel korter. In de praktijk blijkt dat sperma vaak slechts 1 tot 3 dagen levensvatbaar blijft.
Dit betekent dat regelmatige paring noodzakelijk is voor een goede bevruchting.
Waarom neemt de vruchtbaarheid van mannelijke kanaries af?
Een verminderde vruchtbaarheid kan verschillende oorzaken hebben.
1 Verminderde spermaproductie
Wanneer de man niet volledig in broedconditie is, produceert hij minder sperma.
Belangrijke factoren zijn:
- onvoldoende lichtstimulatie
- slechte voeding
- hormonale verstoring
Voor een goede broedconditie zijn essentieel:
- langere lichturen (14–15 uur)
- voldoende eiwitten
- vitamines en mineralen
- vitamine E
Vitamine E speelt een belangrijke rol bij de vorming van geslachtshormonen en sperma.
Goede natuurlijke bronnen zijn:
- tarwekiemolie
- tarwekiem
- zaden
- eivoer
2 Slechte spermakwaliteit
Niet alleen de hoeveelheid sperma is belangrijk, maar ook de kwaliteit.
Sperma moet:
- voldoende beweeglijk zijn
- een normale vorm hebben
- lang genoeg levensvatbaar blijven
Wetenschappelijke studies bij vogels tonen aan dat voeding een grote invloed heeft op:
- spermakwaliteit
- beweeglijkheid
- overlevingsduur van spermacellen
Belangrijke factoren die vruchtbaarheid beïnvloeden
Deze factoren kunnen worden verdeeld in interne en externe factoren.
Interne factoren
- leeftijd van de vogel
- lichamelijke conditie
- overgewicht
- infecties van het voortplantingssysteem
- genetische factoren
De meest vruchtbare kanariemannen zijn meestal:
tussen 9 maanden en 2 jaar oud
Externe factoren
- voeding
- medicijnen
- chemische stoffen
- parasietenbestrijding
- stress
Sommige insecticiden en ontsmettingsmiddelen kunnen een negatieve invloed hebben op spermaproductie.
Voeding en vruchtbaarheid
Voeding speelt een belangrijke rol bij de voortplanting.
Wetenschappelijke onderzoeken bij vogels en pluimvee tonen aan dat bepaalde voedingsstoffen de vruchtbaarheid sterk kunnen verbeteren.
Essentiële vetzuren
Vooral omega-3 en omega-6 vetzuren zijn belangrijk voor:
- hormoonproductie
- spermakwaliteit
- vruchtbaarheid
Belangrijke vetzuren zijn:
- linolzuur
- arachidonzuur
- docosahexaeenzuur (DHA)
Goede bronnen zijn:
- zaden
- plantaardige oliën
- eieren
- insectenlarven
Antioxidanten en vruchtbaarheid
Tijdens de stofwisseling ontstaan vrije radicalen.
Deze kunnen cellen beschadigen, waaronder ook spermacellen.
Antioxidanten beschermen tegen deze schade.
Belangrijke antioxidanten zijn:
Vitamines
- Vitamine A
- Vitamine C
- Vitamine E
- Vitamine B6
Mineralen
- selenium
- zink
Deze mineralen spelen een rol bij enzymen die spermacellen beschermen tegen oxidatieve stress.
Natuurlijke bronnen van antioxidanten
Veel natuurlijke voedingsmiddelen bevatten antioxidanten:
Groenten
- broccoli
- paprika
- rode biet
- boerenkool
Fruit en bessen
- aronia
- vlierbes
- bosbes
Andere bronnen
- druivenpitten
- bijenpollen
- biergist
Ook carotenoïden zoals:
- luteïne
- beta-caroteen
- lycopeen
hebben antioxidatieve eigenschappen.
Praktische tips voor betere bevruchting
Op basis van praktijkervaring en onderzoek kunnen kwekers de volgende maatregelen nemen.
1 Kies sterke kweekmannen
De beste kweekmannen zijn:
- gezond
- actief
- goed zingend
- zichtbaar in broedconditie
In broedconditie zijn vaak de spermopslagplaatsen bij de cloaca licht gezwollen.
2 Voorkom overgewicht
Een te vette kanarie produceert minder testosteron.
Gevolgen kunnen zijn:
- minder paringsdrang
- lagere spermaproductie
3 Geef de man voldoende beweging
Grote kweekkooien of een volière zorgen voor:
- betere conditie
- betere hormoonbalans
4 Zorg voor rust rond het nest
Te veel jongen op de zitstokken kunnen paringen verstoren.
Een rustige omgeving stimuleert natuurlijke paring.
5 Beheer de kweekmannen tussen de rondes
Sommige kwekers halen de man tijdelijk weg wanneer:
- de jongen 10–12 dagen oud zijn
Later kan de man weer bij de pop worden gezet voor een nieuwe ronde.
Dit voorkomt:
- overbelasting
- vermoeidheid van de man
Kweken is wetenschap én ervaring
Het kweken van kanaries is een combinatie van:
- kennis
- observatie
- ervaring
Door aandacht te besteden aan:
- voeding
- conditie
- leeftijd
- leefomgeving
kan de vruchtbaarheid van kweekmannen aanzienlijk worden verbeterd.
Een goed voorbereid kweekseizoen betekent uiteindelijk:
meer bevruchte eieren, sterkere jongen en betere kweekresultaten.
Henk Adriani
